---
title: "Banden: profieldiepte, spanning en markeringen"
url: https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/banden/
description: "Hoe diep moeten de groeven van je banden zijn, wanneer mag je M+S-banden monteren en wat betekent 205/55 R 16? Gratis les voor het theorie-examen."
type: "Les"
chapter: "Hoofdstuk 12: Het voertuig"
language: nl-BE
site: "Rijbewijs B Theorie"
publisher: "Permis Online SRL"
author: "Wenceslas Dasnois, oprichter van Rijbewijs B Theorie"
modified: 2026-10-23T02:37:35Z
---

# Banden: profieldiepte, spanning en markeringen

> Hoe diep moeten de groeven van je banden zijn, wanneer mag je M+S-banden monteren en wat betekent 205/55 R 16? Gratis les voor het theorie-examen.

Het belangrijkste in 30 seconden

- **1,6 mm**: zo diep moeten de **hoofdgroeven** minstens zijn. Komen de **slijtage-indicatoren** gelijk met het loopvlak, dan vervang je de band.
- **Bandenspanning**: op het praktijkexamen toon je het **ventiel**, of de meter op het dashboard. De juiste waarde is die van **jouw auto**.
- **M+S** met een lagere snelheidscategorie: alleen van **1 oktober tot 30 april**, met een plaatje binnenin en een lagere snelheid.
- **Spijkerbanden** zijn verboden, tenzij de minister ze bij uitzondering toelaat. **Sneeuwkettingen** alleen bij sneeuw of ijzel.
- **205/55 R 16 91 T**: breedte, hoogte, radiaal, velg, belasting, snelheid. **T** is 190 km/u.

Elk cijfer op de zijkant, en de montage die je moet kennen: hieronder, punt per punt.

**1,6 millimeter.** Zo diep moeten de hoofdgroeven van je banden minstens blijven. Dat is een van de dingen die je aan je banden moet kunnen nakijken. Hieronder loop je ze één voor één na: de diepte van de groeven, de spanning, de M+S-banden en de gegevens op de zijkant.

## Hoe diep moeten de groeven van je banden zijn?

**Definitie.** De **hoofdgroeven** van een luchtband moeten minstens **1,6 mm** diep zijn. Dat zijn de brede groeven in het midden van het loopvlak, over ongeveer driekwart van de breedte. **Slijtage-indicatoren**, blokjes rubber in die groeven, komen gelijk met het loopvlak als je op die grens zit.

Je hoeft niets te meten. Bij een personenauto zitten er minstens **zes rijen** slijtage-indicatoren, ongeveer gelijk verdeeld over het loopvlak. Ze liggen in die brede groeven in het midden.

Op een velg van hoogstens **12 duim** volstaan vier rijen. Verwar de indicatoren niet met de dunne rubberbruggetjes tussen de ribben. Alleen de echte indicatoren tonen de slijtagegrens.

Ze mogen die grens tot **0,6 mm** te vroeg tonen, maar nooit te laat. Zie je ze gelijk komen met het rubber errond, dan vervang je de band: je zit op 1,6 mm, of er net boven.

Over driekwart van het loopvlak moet de tekening zelfs **dieper dan 1,6 mm** blijven. Voor het examen is 1,6 mm het cijfer dat je moet kennen. Die diepte geldt niet voor banden van voertuigen voor traag vervoer.

Twee dingen die je met het blote oog ziet, los van de millimeter. Het **linnen** mag op geen enkele plaats zichtbaar zijn. Een band met **scheuren of barsten** vervang je.

**Valkuil.** Voor je auto is de grens **1,6 mm** in de hoofdgroeven. Voor een **bromfiets** is dat **1 mm**. Gaat de vraag over een personenauto, dan is 1 mm fout.

**Op het examen.** Banden horen bij de onderdelen die je moet kunnen nakijken. **1,6 mm** is de diepte van de hoofdgroeven. De slijtage-indicator zegt dat je daar bent: de band gaat eraf. Wacht niet tot het linnen blootligt.

De hoofdgroeven van je autoband moeten minstens hoe diep zijn?

## Welke banden passen bij je auto, en hoe controleer je de bandenspanning?

De **belastingsindex** en de **snelheidscategorie** van je banden moeten verenigbaar zijn met het laadvermogen per as en met de maximale snelheid van je auto.

Die gegevens van de auto staan in de goedkeuring, in het **certificaat van overeenstemming** of in het **instructieboekje** van de constructeur. Een band die daar niet bij past, monteer je niet.

Op het **praktijkexamen** kan de examinator vragen hoe je de bandenspanning controleert, en waar de juiste spanning voor jouw auto staat. Je stapt uit en toont het **ventiel**.

Heeft je auto alleen een elektronische meter, dan toon je op het dashboard waar die **meter** zit.

**Op het examen.** Twee dingen toon je: het **ventiel**, of de spanningsmeter op het dashboard als je auto alleen die heeft, en waar de **juiste spanning voor jouw auto** te vinden is.

De examinator vraagt hoe je de bandenspanning controleert. Wat toon je?

Een **reservewiel** mag tijdelijk van die bandenregels afwijken. Je past je rijden dan aan, vooral door **trager** te rijden. In Brugge rijd je daarmee niet alsof er vier gewone banden onder zitten. Zodra het kan, leg je weer een band die wel past.

## Welke band gebruik je in de winter, en welke combinatie is verboden?

Op de zijkant van een band van het type **M+S** staat die aanduiding. Je mag zo’n band monteren met een **lagere snelheidscategorie** dan de banden die origineel op de auto zaten. Dan gelden drie grenzen tegelijk.

- Je rijdt niet sneller dan die **lagere limiet**.
- Binnen in de auto, goed zichtbaar voor jou, hangt een **plaatje** met die limiet.
- Die banden zijn alleen toegelaten van **1 oktober tot 30 april**.

Dat plaatje mag blijven hangen als je later banden met een **hogere snelheidsindex** monteert. Je moet het bij die wissel niet weghalen.

Er is één uitweg uit die kalender. Is de snelheid van de M+S-band **minstens zo hoog** als de maximale snelheid van je auto, dan gelden die extra grenzen niet: geen periode, geen lagere limiet, geen plaatje.

![Zomerband en winterband naast elkaar, met een verschillend loopvlak](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/banden/comparaison-entre-pneu-ete-pneu-hiver.webp)

*Twee loopvlakken voor twee seizoenen. Een M+S-band herken je aan de letters M+S op de zijkant.*

Stel: de originele banden zijn categorie H, 210 km/u, en de maximale snelheid die voor je auto bepaald is, ligt boven 190 km/u. In november leg je in Hasselt M+S-banden met de letter **T**. Die band mag hoogstens 190 km/u.

Jij blijft onder die limiet, het plaatje hangt binnenin, en na **30 april** horen die T-banden eraf. 190 km/u is de limiet van de band. Op de weg volg je gewoon de snelheidsborden.

**Onthoud.** **M+S** met een lagere snelheidscategorie dan de originele banden: alleen van **1 oktober tot 30 april**, niet sneller dan die limiet, met een plaatje binnenin dat jij kunt zien. Is hun snelheid minstens die van de auto, dan vallen die grenzen weg.

**Spijkerbanden** zijn verboden. Alleen als het weer het rechtvaardigt, kan de minister van Verkeerswezen ze bij uitzondering toelaten, onder voorwaarden die hij dan vastlegt.

Op het praktijkexamen in Vlaanderen gaat de proef op de openbare weg **niet door** met spijkerbanden. Kom je daarmee aan in het examencentrum, dan rijd je die rit niet.

**Sneeuwkettingen** zijn iets anders. Die mag je alleen bij **sneeuw of ijzel**. Op een droge oktoberochtend in Mechelen blijven ze in de kofferbak, ook als het koud aanvoelt.

Het loopvlak zelf mag geen holten of uitsteeksels hebben die het wegdek beschadigen.

**Onthoud.** Op **dezelfde as** hebben de banden dezelfde **technische karakteristieken**. Een directionele of asymmetrische band monteer je in de **juiste draairichting**.

**Valkuil.** Twee verboden die je moet kennen. De groeven van een versleten band **opnieuw insnijden** of de tekening hertekenen mag niet. **Radiaalbanden vooraan** alleen als achteraan hetzelfde type zit, dus geen diagonaalbanden achteraan.

Een band die in de fabriek **heropgegoten** is en een goedkeuring draagt, is niet hetzelfde als een band waarvan iemand de groeven opnieuw heeft ingesneden. De eerste mag, onder die goedkeuring. De tweede nooit.

Mag je met spijkerbanden op de openbare weg rijden?

Je legt vooraan radiaalbanden. Wat moet er dan achteraan zitten?

## Hoe lees je de aanduiding 205/55 R 16 91 T?

![Aanduiding 205/55 R 16 91 T op de zijkant van een autoband](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/banden/marquage-flanc-pneu-205-55-r16-91t.jpg)

*205/55 R 16 91 T op de zijkant: breedte, hoogte, radiaal, velg, belasting en snelheid, altijd in die volgorde.*

Op de zijkant staat een reeks zoals **205/55 R 16 91 T**. Je leest ze altijd van links naar rechts. Elk stuk is een eigenschap van die band, geen versiering.

| Deel | Wat het betekent |
| --- | --- |
| **205** | De breedte van de band, in millimeter. |
| **55** | De bandenserie: de hoogte is 55 procent van de breedte. |
| **R** | Radiaalband. |
| **16** | De inwendige diameter van de velg, in duim. |
| **91** | De belastingsindex. 91 komt overeen met 615 kg. |
| **T** | De snelheidscategorie: hoogstens 190 km/u. |

De letters volgen **niet het alfabet**: T is 190 km/u, H is **210 km/u**, V is 240 km/u en W is 270 km/u.

Die indexen zijn een voorwaarde, geen sticker voor de sier. Wat je monteert, moet het **laadvermogen** en de **maximale snelheid** van je auto aankunnen, zoals die voor de auto bepaald zijn.

**Definitie.** **205/55 R 16 91 T** lees je altijd in dezelfde volgorde: breedte in mm, hoogte in procent van de breedte, radiaal, velg in duim, belastingsindex, snelheidscategorie. **T** is hoogstens 190 km/u, **91** is 615 kg.

Ga in je straat in Leuven eens bij een geparkeerde auto staan en lees de zijkant hardop: breedte, hoogte, radiaal, velg, belasting, snelheid. Eén echte band blijft beter hangen dan drie keer dezelfde fiche.

Op de aanduiding 205/55 R 16 91 T: wat betekent de 16?

Hoofdgroeven van minstens 1,6 mm, de spanning die bij jouw auto hoort, M+S-banden met een lagere snelheidscategorie alleen van 1 oktober tot 30 april, en een zijkant die je kunt lezen. Herhaal de cijfers hieronder, en doe daarna de quiz van deze les.

## Bronnen van de cursus

- Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, Vlaamse versie: artikel 81.1.3 en artikel 81.4, banden.
- Koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen: artikel 34, lucht- en cushionbanden.
- GOCA Vlaanderen, Doc. 130, Het rijbewijsexamen, Vlaams Gewest, 18 augustus 2026: banden bij de mechanische onderdelen van de leerstof voor het theorie-examen.
- GOCA Vlaanderen, Doc. 133, Praktijkexamen categorie B, Vlaams Gewest, 18 augustus 2026: controle van de slijtage en van de bandenspanning, geen spijkerbanden op de proef.
- GOCA Vlaanderen, Op weg naar het rijbewijs B, Vlaams Gewest, 16 september 2026: slijtage-indicatoren, bandenspanning en geen spijkerbanden.
- Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie): artikelen 81.4.1, 81.4.2 en 81.4.4

---

Bron: [Banden: profieldiepte, spanning en markeringen · Rijbewijs B Theorie](https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/banden/). Uitgegeven door Permis Online SRL. De officiële regels staan in de geciteerde teksten; de uitleg is die van Rijbewijs B Theorie.
