---
title: "Gebodsborden: ronde blauwe borden voor het theorie-examen"
url: https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/gebodsborden/
description: "Een rond blauw bord legt je iets op. Leer de gebodsborden voor je theorie-examen rijbewijs B in Vlaanderen: rotonde, pijlen, fietspad en voetgangers."
type: "Les"
chapter: "Hoofdstuk 2: De verkeersborden"
language: nl-BE
site: "Rijbewijs B Theorie"
publisher: "Permis Online SRL"
author: "Wenceslas Dasnois, oprichter van Rijbewijs B Theorie"
modified: 2026-10-23T02:37:35Z
---

# Gebodsborden: ronde blauwe borden voor het theorie-examen

> Een rond blauw bord legt je iets op. Leer de gebodsborden voor je theorie-examen rijbewijs B in Vlaanderen: rotonde, pijlen, fietspad en voetgangers.

Het belangrijkste in 30 seconden

- Een **rond blauw bord** met een wit symbool is een **gebodsbord**: het zegt wat je moet doen, het is geen advies.
- Het bord **verplicht rondgaand verkeer** signaleert een rotonde. Je laat het middeneiland links van je en rijdt dus **tegen de wijzers van de klok in**.
- Een **pijl** legt een richting op. Staat een niet-gebogen pijl **op een hindernis**, dan rijd je er langs de kant van de pijl voorbij.
- Het **verplichte fietspad** moeten fietsers en tweewielige bromfietsen klasse A volgen. Voor tweewielige bromfietsen klasse B telt de snelheidslimiet.
- Een streep tussen voetganger en fiets betekent **gescheiden delen**. Zonder streep delen voetgangers en fietsers **hetzelfde deel**.

De borden een voor een, met afbeeldingen en de valkuilen: alles staat hieronder.

**Een rond blauw bord legt je iets op.** Het zegt wat je op die plaats moet doen: een richting volgen, langs één kant van een hindernis rijden, een fietspad nemen. Hier leer je elk gebodsbord herkennen en zie je waar je makkelijk een fout maakt.

## Wat is een gebodsbord en hoe herken je het?

**Definitie.** Een **gebodsbord** legt je een bepaald gedrag op: een richting volgen, een hindernis voorbijrijden of een fietspad nemen. Je herkent het aan de **ronde vorm**, de **blauwe kleur** en het **witte symbool**.

Het principe is altijd hetzelfde: het bord zegt wat je op die plaats **moet** doen. Een rond bord met een rode rand doet het omgekeerde, want dat **verbiedt** iets.

Let ook op de vorm: het blauwe bord voor een weg met eenrichtingsverkeer is rechthoekig, niet rond. Dat is een **aanwijzingsbord** en geen gebodsbord: het informeert je over de weg.

Zo’n bord staat op de plek waar het zo goed mogelijk zichtbaar is. Een gebod kan ook vooraf worden aangekondigd: dan staat er een gelijkaardig bord met een **onderbord** dat ongeveer aangeeft op welke afstand het gebod begint.

Een gebodsbord gaat **boven de gewone verkeersregels**. Alleen de bevelen van een **bevoegd persoon**, bijvoorbeeld een politieagent die het verkeer regelt, gaan nog voor het bord.

**Onthoud.** Een rond bord met een **rode rand verbiedt** iets, een rond **blauw** bord zonder rode rand **verplicht** iets. Zie je een rond blauw bord, kijk dan wat het aanduidt: een pijl, een fiets, een voetganger of een ruiter. Daar zit het gebod.

Je ziet een rond blauw bord met een witte pijl. Wat vraagt dat bord van je?

## Wat betekent het bord verplicht rondgaand verkeer?

Dit gebodsbord toont pijlen die in een cirkel rondgaan. Het **signaleert een rotonde**: een weg waarop het verkeer in één richting rond een **middeneiland** rijdt.

![Een rotonde in Vlaanderen met het bord verplicht rondgaand verkeer op het middeneiland en een bord voorrang verlenen aan de toegang.](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/i-32a53c821b.webp)

*Een rotonde in Vlaanderen: het bord signaleert de rotonde, aan de toegangsweg staat een bord voorrang verlenen. Rijbewijs B Theorie; officiële verkeersborden: Officiële modellen van de Belgische verkeersborden (KB van 1 december 1975)*

![Verkeersbord verplicht rondgaand verkeer: witte pijlen in een cirkel op een rond blauw bord](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d5-officiel.png)

*Verplicht rondgaand verkeer: het bord signaleert een rotonde en je laat het middeneiland links van je.*

Het bord wordt alleen geplaatst als alle bestuurders het middeneiland aan hun **linkerhand** moeten laten. Dat bepaalt de rijrichting: je rijdt **tegen de wijzers van de klok in**, met het middeneiland links van je.

Wettelijk is het pas een rotonde als dit bord er staat én aan **elke toegangsweg** een bord voorrang verlenen of een stopbord staat.

Zolang er geen verkeerslichten werken, is de voorrang op een rotonde daarom altijd dezelfde. Wie de rotonde **oprijdt**, verleent voorrang aan alle bestuurders die er al op rijden. Wie zelf op de rotonde rijdt, hoeft geen voorrang van rechts te verlenen. Rij een rotonde dubbel voorzichtig op en kijk eerst naar het verkeer dat er al op rijdt.

**Op het examen.** Stel jezelf bij elk gebodsbord twee vragen: wat betekent het bord en wat moet ik doen? Bij verplicht rondgaand verkeer is het antwoord: het bord signaleert een rotonde, je laat het middeneiland links van je en je verleent voorrang aan wie er al op rijdt.

In Brugge rij je een rotonde op. Er staat een bord verplicht rondgaand verkeer. Hoe rijd je rond het middeneiland?

## Wat doe je bij een bord met een of meer pijlen?

Veel gebodsborden draaien om een pijl: de pijl zegt waar je heen moet. Er zijn drie gevallen en je houdt ze best uit elkaar.

Eerste geval, **één pijl**: je volgt de richting van de pijl. Afhankelijk van de plaats wijst de pijl rechtdoor, naar links of naar rechts.

![Verkeersbord verplichte richting: een witte pijl op een rond blauw bord](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d1a-officiel.png)

*Eén pijl: je volgt de aangeduide richting.*

Tweede geval, **meerdere pijlen** op hetzelfde bord: je volgt **één van de aangeduide richtingen**. Je kiest zelf, maar alleen uit die richtingen.

![Verkeersbord met meerdere witte pijlen op een rond blauw bord: je kiest één van de aangeduide richtingen](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d3a-officiel.png)

*Meerdere pijlen: je kiest één van de aangeduide richtingen.*

Derde geval, een **niet-gebogen pijl op een hindernis**. Dan kies je geen richting op het kruispunt: je rijdt de hindernis **langs de kant van de pijl** voorbij.

![Verkeersbord met een niet-gebogen pijl op een hindernis in de weg: je rijdt langs de kant van de pijl voorbij](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/fleche-non-coudee-figurant-obstacle-obligation-contourner.jpg)

*Pijl op een hindernis: je rijdt er langs de kant van de pijl voorbij.*

Op een hindernis wijst de pijl schuin naar de grond, onder een hoek van ongeveer 45 graden. Zo’n bord kan ook op een zuil of een andere inrichting staan die het verkeer leidt. Zonder bord laat je zulke inrichtingen aan je linkerhand. Met het bord moet je langs één bepaalde kant voorbij.

**Valkuil.** Een niet-gebogen pijl **op een hindernis** is geen richting die je op het kruispunt kiest. Het bord zegt dat je de hindernis **langs de kant van de pijl** voorbijrijdt. Kijk dus altijd eerst waar het bord staat.

Er bestaat ook een bord voor **voertuigen die gevaarlijke goederen vervoeren**. Zij moeten de aangeduide richting volgen, een route die bij hun lading past. Voor alle andere voertuigen geldt dit bord niet.

![Verplichte richting voor voertuigen met gevaarlijke goederen, met een onderbord met een letter](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d4a-officiel.png)

*Verplichte richting voor voertuigen die gevaarlijke goederen vervoeren, hier met een onderbord met een letter.*

Op dat onderbord staat soms een letter: B, C, D of E. Dan geldt het gebod alleen voor voertuigen met gevaarlijke goederen die niet in een wegtunnel van die categorie mogen. Met je rijbewijs B heeft die letter niets te maken.

Onder een bord met **één pijl** kan ook een **onderbord** hangen dat bepaalde weggebruikers uitzondert. Dat kunnen fietsers zijn, en daarnaast bromfietsen klasse A of speed pedelecs. Voor hen geldt het gebod dan niet.

Op een verkeersgeleider in Leuven staat een bord met een niet-gebogen pijl naar rechts. Wat doe je?

## Wie moet het verplichte fietspad volgen?

Het bord **verplicht fietspad** toont een witte fiets op een rond blauw bord. Het duidt een **fietspad** aan: een deel van de openbare weg voor fietsen en tweewielige bromfietsen klasse A. Het fietspad hoort niet bij de rijbaan, en als bestuurder van een auto volg je de rijbaan.

![Verkeersbord verplicht fietspad: een witte fiets op een rond blauw bord](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d7-officiel.png)

*Verplicht fietspad.*

Een bromfiets klasse A is gebouwd voor hoogstens 25 km/u, klasse B voor hoogstens 45 km/u. Wie het fietspad moet volgen, hangt af van het voertuig:

- **fietsers** en **tweewielige bromfietsen klasse A** moeten het volgen als het berijdbaar is en in hun rijrichting is aangeduid;
- **tweewielige bromfietsen klasse B** en **speed pedelecs** mogen het volgen waar de snelheid beperkt is tot 50 km/u of minder, als ze de andere gebruikers van het fietspad niet in gevaar brengen;
- waar een **hogere limiet** geldt, moeten tweewielige bromfietsen klasse B en speed pedelecs het volgen als er een bruikbaar fietspad is.

Een onderbord kan dat voor tweewielige bromfietsen klasse B en speed pedelecs anders regelen: het verplicht hen het fietspad te volgen of verbiedt hun dat. Het bord wordt na elk kruispunt herhaald.

Wie het fietspad moet volgen, mag het verlaten om van richting te veranderen, om in te halen of om een hindernis te omzeilen. Ligt het fietspad links, dan mogen fietsers en bromfietsen klasse A in bijzondere omstandigheden rechts rijden.

**Onthoud.** Fietsers en **tweewielige bromfietsen klasse A** moeten het verplichte fietspad volgen. Bij **tweewielige bromfietsen klasse B** en speed pedelecs telt de limiet: bij 50 km/u of minder mag het fietspad, zonder anderen in gevaar te brengen; bij een hogere limiet moet het, als het bruikbaar is.

Je rijdt in Hasselt met een tweewielige bromfiets klasse B op een weg met een limiet van 70 km/u. Daar ligt een bruikbaar verplicht fietspad. Wat moet je doen?

## Voetgangers en fietsers: elk een eigen deel of samen?

Twee borden tonen allebei een voetganger en een fiets, en toch is de regel anders. Kijk naar de streep tussen de symbolen.

Staat er een streep tussen de voetganger en de fiets, dan heb je **gescheiden delen**. Het deel van de openbare weg is verdeeld: één deel voor voetgangers en één deel voor fietsen en tweewielige bromfietsen klasse A. Op het wegdek zie je die scheiding aan een doorlopende witte streep, een andere wegbedekking of een fysieke scheiding.

![Verkeersbord met gescheiden delen: de voetganger en de fiets staan aan weerszijden van een streep](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d9a-officiel.png)

*Gescheiden delen: de voetganger en de fiets elk aan hun kant van de streep.*

Op sommige borden staan de symbolen omgewisseld: de voetganger staat dus niet altijd links.

Staat er geen streep, dan lopen en fietsen voetgangers en fietsers **samen op hetzelfde deel**. Bromfietsen worden niet genoemd, dus zij horen er niet bij. Dit bord wordt gebruikt als een bord met gescheiden delen niet kan, bijvoorbeeld omdat er te weinig ruimte is om voetgangers en fietsers te scheiden.

![Verkeersbord voor voetgangers en fietsers samen op hetzelfde deel, zonder streep tussen de symbolen](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d10-officiel.png)

*Geen streep: voetgangers en fietsers delen hetzelfde deel. Bromfietsen horen er niet bij.*

Fietsers moeten het deel gebruiken dat het bord aanduidt. Bij gescheiden delen geldt voor fietsers, bromfietsen klasse A en speed pedelecs dezelfde regel als bij het verplichte fietspad.

**Valkuil.** Twee borden met een voetganger en een fiets: **met streep** hebben voetgangers een eigen deel en delen fietsers en bromfietsen klasse A het andere deel, **zonder streep** delen voetgangers en fietsers één deel en horen bromfietsen er niet bij. Verwissel de twee niet.

Je ziet een rond blauw bord met een voetganger en een fiets, aan weerszijden van een streep. Wat betekent dat?

## Verplichte wegen voor voetgangers en ruiters

Twee laatste borden wijzen een weg aan voor één soort weggebruiker: de **verplichte weg voor voetgangers** en de **verplichte weg voor ruiters**, mensen te paard.

![Verkeersbord verplichte weg voor voetgangers: een rond blauw bord met een voetganger](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d11-officiel.png)

*Verplichte weg voor voetgangers.*

![Verkeersbord verplichte weg voor ruiters: een rond blauw bord met een ruiter](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/gebodsborden/d13-officiel.png)

*Verplichte weg voor ruiters.*

Voetgangers gebruiken eerst het trottoir of een deel met een bord waarop een voetganger staat. Is dat er niet, dan komt de verplichte weg voor ruiters aan de beurt. Als bestuurder volg je de rijbaan, niet de verplichte weg voor voetgangers of ruiters.

**Op het examen.** Bij een rond blauw bord met maar één weggebruiker, een voetganger of een ruiter, zoek je wie er op staat. De verplichte weg is voor die weggebruiker bedoeld. Een verbod herken je aan een rode rand.

Je kent nu de ronde blauwe borden: de rotonde, de pijlen, het fietspad en de delen voor voetgangers, fietsers en ruiters. Herhaal de kernpunten op de kaartjes hieronder en test jezelf daarna met de oefenvragen.

## Bronnen van de cursus

- Koninklijk besluit van 1 december 1975, Wegcode: artikelen 2.7, 2.17, 2.39, 6.1, 6.2, 6.3, 9.1.1, 9.1.2, 9.6, 12.2, 12.3.1, 42.1, 69 (gebodsborden) en 71.2, en het verkeersbord F19. Vlaamse versie Codex en Nederlandstalige Justel-kopie van 21 oktober 2026 (de codes D11 en D13 van de verplichte wegen voor voetgangers en ruiters staan alleen in de Justel-kopie).
- Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald: artikel 10 (gebodsborden). Kopie van 21 oktober 2026.
- Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie): artikelen 69.1, 69.2, 69.3 en 69.4
- Ministerieel besluit (Federaal) waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald (11 oktober 1976): artikelen 10.3, 10.1, 10.2, 10.4, 10.5 en 10.6
- Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie), verkeersborden: bord F19, bord D5, bord D1, bord D3, bord D4, bord D7, bord D9 en bord D10

---

Bron: [Gebodsborden: ronde blauwe borden voor het theorie-examen · Rijbewijs B Theorie](https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/gebodsborden/). Uitgegeven door Permis Online SRL. De officiële regels staan in de geciteerde teksten; de uitleg is die van Rijbewijs B Theorie.
