---
title: "Verkeerslichten: wat betekenen rood, oranje en groen?"
url: https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/verkeerslichten/
description: "Rood, oranjegeel, groen, pijlen, fietslichten en knipperlichten aan een overweg: alle regels over verkeerslichten voor je theorie-examen, met oefenvragen."
type: "Les"
chapter: "Hoofdstuk 2: De verkeersborden"
language: nl-BE
site: "Rijbewijs B Theorie"
publisher: "Permis Online SRL"
author: "Wenceslas Dasnois, oprichter van Rijbewijs B Theorie"
modified: 2026-10-23T02:37:35Z
---

# Verkeerslichten: wat betekenen rood, oranje en groen?

> Rood, oranjegeel, groen, pijlen, fietslichten en knipperlichten aan een overweg: alle regels over verkeerslichten voor je theorie-examen, met oefenvragen.

Het belangrijkste in 30 seconden

- **Rood**: je stopt voor de stopstreep. **Vast oranjegeel** verbiedt dat ook, behalve als je niet meer veilig kunt stoppen.
- Staat er een **pijl** in het licht? Dan geldt dezelfde regel, maar alleen voor de richting van de pijl.
- Brandt er een **groene pijl samen met rood**? Dan rijd je alleen in de richting van de pijl en verleen je voorrang aan de bestuurders uit andere richtingen en aan de voetgangers.
- Een licht met een **fietssilhouet** is voor fietsers en tweewielige bromfietsen, een licht met een **voetganger** voor voetgangers. **Witte signalen op zwart** zijn alleen voor bus en tram.
- Aan een overweg betekenen **twee rode knipperlichten**: niet verder. Een **maanwit knipperlicht** laat je het signaal voorbijrijden.

Hieronder staan de uitleg, de afbeeldingen en de valkuilen.

**Een groene pijl kan je verplichten om voorrang te verlenen, en oranjegeel verbiedt je al om door te rijden.** Verrast een van die twee zinnen je? Na deze les weet je bij elk licht wat je moet doen en voor wie het bedoeld is.

## Wat betekenen rood, oranjegeel en groen?

Een gewoon verkeerslicht is **rond** en heeft drie kleuren: rood bovenaan, oranjegeel in het midden en groen onderaan. Het staat **rechts van de rijbaan**.

Het mag ook links of boven de rijbaan herhaald worden, en op een kruispunt ook aan de andere kant van het kruispunt. Een **gevaarsbord** met een verkeerslicht waarschuwt je vooraf dat er zo’n licht komt.

![Een driekleurig verkeerslicht met rood boven, oranjegeel in het midden en groen onder, en de stopstreep op het wegdek.](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/i-0d6515c5d7.webp)

*Een driekleurig verkeerslicht: rood boven, oranjegeel in het midden, groen onder. De stopstreep ligt op het wegdek. Rijbewijs B Theorie*

De lichten volgen elkaar altijd in dezelfde volgorde op: na groen komt oranjegeel, na oranjegeel komt rood en na rood komt weer groen.

Elke kleur heeft zijn eigen regel:

- **rood**: je mag de **stopstreep** niet voorbijrijden. Is er geen stopstreep, dan mag je het verkeerslicht zelf niet voorbijrijden;
- **vast oranjegeel**, in de volksmond oranje: hetzelfde verbod, **tenzij** je op het moment dat het licht aangaat al zo dichtbij bent dat je niet meer veilig kunt stoppen;
- **groen**: je mag het verkeerslicht voorbijrijden.

**Onthoud.** Rood betekent stoppen voor de stopstreep, of voor het licht zelf als er geen streep is. Vast oranjegeel is al verboden, behalve als je niet meer veilig kunt stoppen. Groen betekent dat je het licht mag voorbijrijden.

**Valkuil.** Vast oranjegeel is geen teken om nog snel door te rijden. Kun je nog veilig stoppen, dan moet je stoppen.

Heb je bij oranjegeel de stopstreep voorbijgereden omdat je niet meer veilig kon stoppen, en staat het licht bij een **kruispunt**? Dan steek je het kruispunt alleen over als je de andere weggebruikers niet in gevaar brengt.

Het licht staat vast op oranjegeel en je bent nog op veilige afstand van de stopstreep. Wat doe je?

Nog een bijzonder geval: op een weg met het bord **voorrangsweg** of het bord **voorrang** mogen de lichten op de kruisende wegen in uitzonderlijke gevallen vervangen zijn door het bord **stoppen en voorrang verlenen**. Dat kan in twee situaties:

- de lichten beschermen een oversteekplaats voor voetgangers vlak bij een kruispunt;
- de lichten staan bij een kruispunt dat vlak bij een ander kruispunt met driekleurige verkeerslichten ligt.

![Verkeersbord voorrangsweg: gele ruit met witte rand](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/signal-b9-voie-prioritaire-officiel.png)

*Het bord voorrangsweg.*

![Verkeersbord voorrang: je hebt voorrang aan het volgende kruispunt](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/signal-b15-priorite-passage-officiel.png)

*Het bord voorrang.*

## Wat verandert er als er een pijl in het licht staat?

Is een kleur vervangen door een **pijl van dezelfde kleur**, dan blijft de regel precies dezelfde. Maar hij geldt alleen voor de **richting van de pijl**. Vraag je dus eerst voor welke richting het licht geldt, en pas daarna welke kleur het heeft.

Soms branden er **extra lichten in de vorm van een groene pijl** tegelijk met het rode of het oranjegele licht. Dan mag je alleen in de richting van de pijl verder rijden. Je verleent wel voorrang aan de bestuurders die volgens de regels uit andere richtingen komen en aan de voetgangers. Die extra pijlen zitten onder of naast het groene licht.

![Verkeerslicht met een extra groene pijl onder of naast het groene licht](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/feux-supplementaires-forme-fleche-places-sous-ou-cote-feu.jpg)

*De extra pijlen zitten onder of naast het groene licht.*

**Valkuil.** Een groene pijl naast een rood licht geeft je geen voorrang. Je volgt de pijl en verleent voorrang aan de bestuurders die volgens de regels uit andere richtingen komen en aan de voetgangers.

Het licht staat op rood en er brandt ook een groene pijl naar rechts. Wat mag je?

## Welke lichten en borden gelden speciaal voor fietsers?

Toont een verkeerslicht het verlichte silhouet van een **fiets**, dan geldt het alleen voor **fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen**. Zie je een fiets én een voetganger, dan geldt het licht voor fietsers, voor voetgangers en voor tweewielige bromfietsen die op het fietspad mogen rijden.

![Verkeerslicht met een fietssilhouet bij een fietspad](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/feux-bicolores-destines-cyclistes.jpg)

*Een fietslicht bij een fietspad: het geldt voor fietsers en tweewielige bromfietsen.*

Knippert er naast een rood of oranjegeel licht een **oranjegeel fietssilhouet met een knipperende pijl**? Dan mogen fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen alleen in de richting van die pijl verder rijden. Ze verlenen voorrang aan de bestuurders die volgens de regels uit andere richtingen komen en aan de voetgangers.

Twee kleine borden onder een verkeerslicht veranderen de regel voor **fietsers en bestuurders van speed pedelecs**. Bij rood of oranjegeel mogen zij het licht voorbijrijden: met het ene bord om **rechts af te slaan**, met het andere om **rechtdoor te rijden**. Ze verlenen dan voorrang aan de andere weggebruikers.

![Twee kleine borden onder een verkeerslicht: fietsers en speed pedelecs mogen bij rood of oranjegeel rechts afslaan of rechtdoor rijden](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/signaux-b22-b23-officiels.png)

*De twee borden: rechts afslaan en rechtdoor rijden bij rood of oranjegeel, alleen voor fietsers en speed pedelecs.*

**Op het examen.** Die kleine borden gelden alleen voor **fietsers en bestuurders van speed pedelecs**. Een bromfiets klasse A of B, een motorfiets en een auto blijven voor rood staan, ook als er een fietsbord onder het licht hangt.

## Wat betekent een groene pijl helemaal alleen, bij het uitrijden van het kruispunt?

Je slaat in Mechelen links af op een kruispunt met verkeerslichten. Bij het uitrijden van het kruispunt brandt er een **groene pijl naar links**, helemaal alleen. Dat is de **ontruimingspijl**.

Die pijl zegt dat het verkeer dat jou tegemoetkomt, door een **rood licht** wordt tegengehouden. Zo kun jij het kruispunt gemakkelijker ontruimen.

![De ontruimingspijl: een aparte groene pijl naar links aan de uitgang van het kruispunt, terwijl het tegenliggende verkeer stilstaat.](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/i-a074d7f328.webp)

*De ontruimingspijl: een groene pijl naar links bij het uitrijden van het kruispunt. De tegenliggers staan stil voor rood. Rijbewijs B Theorie*

**Op het examen.** De ontruimingspijl is een groene pijl naar links die **afzonderlijk** staat, bij het uitrijden van een kruispunt. Ze betekent dat het tegenliggende verkeer door een rood licht wordt tegengehouden, zodat het kruispunt gemakkelijker leegloopt.

## Wat betekenen de lichten boven de rijstroken?

Boven een rijstrook, of boven een ander deel van de openbare weg, kunnen lichten met een eigen vorm hangen:

- een **rood kruis**: verboden richting op die rijstrook. Uitzonderingen: prioritaire voertuigen op een dringende opdracht en, bij stilstaand of sterk vertraagd verkeer, takelwagens en personen of diensten die het openbaar ministerie of de politie heeft opgeroepen, op weg naar een incident op of langs de autosnelweg of autoweg;
- een **groene pijl naar beneden**: toegelaten richting, je mag op die rijstrook rijden;
- een **oranjegele pijl die schuin naar beneden wijst**, knipperend of niet: verboden richting, behalve om de rijstrook te verlaten in de richting van de pijl. Dezelfde uitzonderingen als bij het rode kruis gelden.

![Drie lichten boven de rijstroken van een autosnelweg: een rood kruis, een oranjegele pijl schuin naar beneden en een groene pijl naar beneden.](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/i-354d8ca8c2.webp)

*De drie lichten boven een rijstrook: rood kruis, groene pijl naar beneden en oranjegele pijl schuin naar beneden. Rijbewijs B Theorie*

**Onthoud.** Boven een rijstrook betekent een **rood kruis** verboden richting, een **groene pijl naar beneden** toegelaten richting en een **oranjegele pijl schuin naar beneden**: verlaat de rijstrook in de richting van de pijl.

Boven jouw rijstrook brandt een rood kruis. Wat betekent dat?

## Voor wie zijn de rode en groene lichten met een silhouet?

**Definitie.** **Tweekleurige lichten** hebben alleen rood en groen. Het zijn **voetgangerslichten**, of gecombineerde lichten voor voetgangers en fietsers. Rood: je mag je niet op de rijbaan begeven. Groen: je mag de rijbaan op. Het groene licht kan knipperen om het einde van die toelating aan te kondigen.

Bij een voetgangerslicht toont het rode licht een **stilstaande voetganger** en het groene licht een **voetganger in beweging**. Het rode licht hangt boven het groene. Staat het silhouet **omringd door pijltjes**, dan geldt dezelfde kleur tegelijk voor de dwarsrichting. Zulke lichten gelden alleen voor voetgangers.

![Twee voetgangerslichten bij een oversteekplaats: rood met een stilstaande voetganger en groen met een voetganger in beweging.](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/i-d40cb62394.webp)

*Voetgangerslichten: rood met een stilstaande voetganger, groen met een voetganger in beweging. Rijbewijs B Theorie*

## Wat betekenen de witte lichten voor bus en tram?

Voor voertuigen van geregelde diensten voor gemeenschappelijk vervoer, zoals een lijnbus of een tram, bestaan **eigen signalen**: witte balken, cirkels en driehoeken op een zwarte achtergrond. Rijd je met een gewone auto, dan zijn ze niet voor jou bedoeld. Zo werken ze:

- een **horizontale balk** betekent hetzelfde als rood: stoppen;
- een **cirkel** betekent hetzelfde als vast oranjegeel;
- een **driehoek met de punt naar onder** betekent hetzelfde als groen;
- een **verticale balk** geeft de toelating om alleen rechtdoor te rijden;
- een balk die **45 graden naar links of naar rechts** wijst, geeft de toelating om alleen in de richting van de balk verder te rijden;
- een **knipperende cirkel** betekent hetzelfde als een oranjegeel knipperlicht.

![Bijzonder lichtsignaal voor bus en tram: een witte horizontale balk op een zwarte achtergrond](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/signal-lumineux-special-transports-commun-equivalent-feu.png)

*De horizontale balk: dezelfde betekenis als het rode licht, dus stoppen.*

![Bijzonder lichtsignaal voor bus en tram: een witte verticale balk op een zwarte achtergrond](https://rijbewijs-b-theorie.be/wp-content/cel-contenu/medias/lecons/verkeerslichten/signal-lumineux-special-barre-verticale-autorisant.webp)

*De verticale balk: alleen rechtdoor rijden is toegelaten.*

## Wanneer mag je door een knipperlicht rijden?

Drie knipperlichten moet je kennen. Twee ervan staan aan een overweg:

- een **oranjegeel knipperlicht**: je mag het licht voorbijrijden, met dubbele voorzichtigheid;
- **twee rode lichten die om beurten knipperen**, aan een overweg: voor alle weggebruikers verboden om de stopstreep voorbij te rijden, en zonder stopstreep om het signaal zelf voorbij te rijden;
- een **maanwit knipperlicht** aan een overweg: je mag het signaal voorbijrijden.

Zo’n oranjegeel knipperlicht kan een los licht zijn, twee lichten die om beurten branden, het oranjegele licht van een driekleurig verkeerslicht dat niet in werking is, of in speciale gevallen een licht dat in een driekleurig verkeerslicht het groene licht vervangt.

**Valkuil.** Een oranjegeel knipperlicht laat je met dubbele voorzichtigheid voorbijrijden, maar het **wijzigt de voorrangsregeling niet**. Je krijgt er geen voorrang door: de voorrang die zonder dat licht gold, blijft gelden.

Ongeveer 150 meter voor een overweg staat een **gevaarsbord**: het bord overweg met slagbomen of het bord overweg zonder slagbomen. Vlak bij het spoor staat het bord overweg voor enkel spoor of overweg voor twee of meer sporen, ook wel het Sint-Andrieskruis genoemd.

Je nadert een overweg. Twee rode lichten knipperen om beurten. Wat doe je?

Nu ken je alles wat er voor je kan oplichten. Herhaal de kernpunten op de kaartjes hieronder en test daarna je reflexen met de oefenvragen.

## Bronnen van de cursus

- Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg (Wegcode), Vlaamse versie: artikelen 61, 62, 62bis, 62ter, 63 en 64 (verkeerslichten en verkeersknipperlichten)
- Wegcode: artikel 9.7 (uitzonderingen op het rijverbod op de pechstrook), artikel 66.2 (plaatsing van de gevaarsborden) en artikel 2.17 (bromfiets en speed pedelec)
- Wegcode: verkeersborden A33, A41, A43, A45, A47, B5, B9, B15, B22 en B23
- Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie): artikelen 61.1, 61.2, 61.3.1, 61.3.2, 61.4.1, 61.5, 63.1, 63.2, 64.1, 64.2 en 64.3
- Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie), verkeersborden: bord A33, bord B9, bord B15, bord B5, bord B22, bord B23, bord A41, bord A43, bord A45 en bord A47

---

Bron: [Verkeerslichten: wat betekenen rood, oranje en groen? · Rijbewijs B Theorie](https://rijbewijs-b-theorie.be/theorie/verkeerslichten/). Uitgegeven door Permis Online SRL. De officiële regels staan in de geciteerde teksten; de uitleg is die van Rijbewijs B Theorie.
