Ga naar de inhoud
Hulpmiddelen
Gratis

Volledige cursus · 100 % gratis

De theoriecursus

  • 50 lessen
  • 16 hoofdstukken
  • 7 u 17 in totaal
  • quizzen met uitleg
Begin met les 1

Soorten verkeersborden in Vlaanderen: 6 categorieën · 8 min

Wanneer is je theorie-examen?

Blauwe zone: parkeerschijf, uren en valkuilen

9 min leestijdHoofdstuk: Stilstaan en parkerenGratis, zonder accountBijgewerkt in oktober 2026okt. 2026
Het belangrijkste in 30 seconden
  • Blauwe zone: parkeerschijf zichtbaar aan de binnenkant van de voorruit, op werkdagen van 9 uur tot 18 uur, hoogstens twee uur, tenzij de borden iets anders zeggen.
  • De pijl zet je op het streepje dat volgt op je aankomst. Je draait de schijf niet bij zolang de auto blijft staan.
  • Halfmaandelijks: van de 1e tot de 15e langs de onpare nummers, daarna langs de pare. Wissel op de laatste dag, tussen 19.30 uur en 20 uur.
  • Op de openbare weg: 24 uur voor een motorvoertuig dat niet meer kan rijden en voor een aanhangwagen, 8 uur in de bebouwde kom boven 7,5 ton, 3 uur voor een reclamevoertuig.
  • Pechstrook: er niet op rijden, behalve prioritaire voertuigen op dringende opdracht, opgeroepen diensten en takelwagens. Bij pech: veiligheidsvest zodra je uitstapt.

Elke regel in detail, de borden en de valkuilen: alles staat hieronder.

Een plek vinden is het makkelijke deel. Of je er mag blijven, hoe lang, en wat er achter je voorruit moet liggen: dat moet je voor het examen weten. Blauwe zone, schijf, kapotte automaat, bewonerskaart, pare of onpare kant.

Hoe werkt halfmaandelijks beurtelings parkeren?

In een woonstraat in Gent staan de auto's soms maar aan één kant. De toegestane kant wisselt twee keer per maand.

De borden tonen welke helft. Het ene verbiedt parkeren van de 1e tot de 15e van de maand. Het andere verbiedt parkeren van de 16e tot het einde van de maand. Zo'n bord geldt aan de kant waar het staat, vanaf het bord tot het volgende kruispunt, en alleen op de rijbaan.

Borden die parkeren verbieden van de 1e tot de 15e en van de 16e tot het einde van de maand
Deze borden tonen in welke helft van de maand parkeren aan die kant verboden is.

Staat boven de borden die het begin van de bebouwde kom aanduiden het bord voor halfmaandelijks parkeren in gans de bebouwde kom, dan geldt de regeling op alle rijbanen van die kom.

Dan parkeer je op de rijbaan zo:

  • van de 1e tot de 15e alleen langs de gebouwen met onpare nummers;
  • van de 16e tot het einde van de maand alleen langs de gebouwen met pare nummers;
  • geen huisnummer aan één kant: die kant telt als onpaar als de overkant pare nummers heeft, en als paar als de overkant onpare nummers heeft;
  • je wisselt van kant op de laatste dag van elke periode, tussen 19.30 uur en 20 uur.

Dit geldt niet buiten de rijbaan, aan één kant of aan beide, en niet waar een plaatselijk reglement andere regels oplegt.

Onthoud. Halfmaandelijks: van de 1e tot de 15e langs de onpare nummers, van de 16e tot het einde langs de pare nummers. Je wisselt op de laatste dag, tussen 19.30 uur en 20 uur. De 1 is onpaar, dus de eerste helft staat aan de onpare kant.

Halfmaandelijks beurtelings parkeren, het is de 20e. Aan welke kant parkeer je op de rijbaan?

Wat is een blauwe zone, en hoe leg je de parkeerschijf?

Definitie. Een blauwe zone is een zone met beperkte parkeertijd. Begin en einde staan op borden die parkeren toegelaten en de parkeerschijf tonen. Op werkdagen, van 9 uur tot 18 uur, is de schijf verplicht, voor hoogstens twee uur, tenzij de borden andere voorwaarden tonen.
Borden voor het begin en het einde van een zone met beperkte parkeertijd, met de parkeerschijf
Begin en einde van een blauwe zone: je ziet parkeren toegelaten en de parkeerschijf.

De plicht geldt als je er een auto, een vierwielige bromfiets, een driewieler met motor of een vierwieler met motor parkeert. Een gewone motorfiets staat niet in die lijst.

  • je legt een parkeerschijf zichtbaar aan de binnenkant van de voorruit, of vooraan als er geen voorruit is;
  • de pijl staat op het streepje dat volgt op je aankomst;
  • geen foute aanduiding, en je wijzigt de schijf niet voor je wegrijdt;
  • je verlaat de plaats uiterlijk als de toegestane tijd om is.

Zonder andere tekst op de borden: werkdagen, van 9 uur tot 18 uur, hoogstens twee uur. De borden kunnen andere dagen, uren of een andere duur tonen. Staat er een dag op het bord, dan geldt de schijf ook die dag.

Buiten de zone gelden dezelfde regels bij de borden voor de eerste en de tweede helft van de maand en bij een bord dat parkeren toelaat of de manier van parkeren regelt, zodra een onderbord de parkeerschijf toont.

Valkuil. De pijl gaat op het streepje dat volgt op je aankomst, niet op het uur zelf. Je mag de schijf niet bijstellen zolang de auto op dezelfde plaats staat. Een foute aanduiding is verboden.

Je komt in Leuven aan om 14.10 uur in een blauwe zone. Waar zet je de pijl van de parkeerschijf?

Voor je zo'n vraag beantwoordt, kijk je drie dingen na in de opgave: het uur, de duur en de dagen. De fout zit in het detail dat je overslaat.

Wanneer hoef je de parkeerschijf niet te gebruiken?

De regels van de blauwe zone gelden niet overal. Drie gevallen moet je kennen.

  • Waar een bord staat dat parkeren toelaat of de manier van parkeren regelt, tenzij een onderbord de parkeerschijf toont. Zonder die schijf op het bord volg je dat bord, niet de zone.
  • Waar een bijzondere regeling geldt voor wie een gemeentelijke parkeerkaart heeft. Je legt die kaart aan de binnenkant van de voorruit, of vooraan als er geen voorruit is. De kaart vervangt de parkeerschijf.
  • Voor een voertuig dat staat voor de inrij van een eigendom, als de nummerplaat van dat voertuig leesbaar op die inrij staat. De beperkte parkeertijd geldt dan niet.
Bord parkeren toegelaten met de afbeelding van de parkeerschijf
Staat de parkeerschijf op het bord of op het onderbord, dan is de schijf verplicht.

Parkeren voor de inrij is verboden, behalve als de nummerplaat van dat voertuig leesbaar op de inrij staat. Zonder die plaat mag je de inrij niet blokkeren.

De parkeerautomaat is stuk. Wat nu?

Op een plaats met een parkeermeter of een parkeerautomaat parkeer je zoals het toestel het zegt.

  • toestel in gebruik: je volgt wat erop staat, zonder schijf, ook in een blauwe zone;
  • toestel buiten gebruik: je gebruikt de parkeerschijf, met de regels van de beperkte parkeertijd;
  • je blijft niet langer dan de maximale tijd van dat toestel;
  • meerdere motorfietsen in één vak voor één auto: je betaalt één keer voor dat vak.
Bestuurder betaalt het parkeren aan een parkeerautomaat naast de auto
Bij een parkeermeter of parkeerautomaat volg je wat op het toestel staat.
Valkuil. Een parkeermeter of parkeerautomaat buiten gebruik is niet gratis en niet verboden. Je legt de parkeerschijf en volgt de gewone regels van de blauwe zone.

Een onderbord met de vermelding betalend vraagt een betaalparkeerkaart, goed zichtbaar, zoals de kaart het zegt. Ze mag het toestel vervangen, maar niet langer dan de maximale tijd ervan. Geldt er een gemeentelijke parkeerkaart, dan leg je die aan de binnenkant van de voorruit.

De parkeerautomaat in Brugge is buiten gebruik. Wat doe je?

Wie mag op een voorbehouden plaats staan?

De beperking van de parkeertijd geldt niet voor een voertuig dat een persoon met een handicap gebruikt, als de speciale kaart aan de binnenkant van de voorruit staat. Die kaart vervangt de schijf. Een document uit een ander land telt mee als de overheid van dat land het afgaf en het internationale symbool erop staat.

Plaatsen met dat symbool zijn voorbehouden voor zo'n voertuig, met de kaart zichtbaar op de voorruit. Voor een ander voertuig is parkeren daar verboden.

Speciale kaart voor personen met een handicap achter de voorruit, bij het bord met het symbool
De speciale kaart hoort aan de binnenkant van de voorruit. Zonder kaart is de plaats niet voor jou.

Drie onderborden houden een plaats vrij. De kaart ligt leesbaar aan de binnenkant van de voorruit:

  • parkeerkaart: de gemeentelijke parkeerkaart;
  • bewoners: de bewonerskaart;
  • autodelen: de parkeerkaart voor autodelen.

De bewonerskaart is voor wie zijn hoofdverblijfplaats of domicilie heeft in de gemeente, zone of straat op de kaart. Naast de plaats wonen volstaat niet. Autodelen is om de beurt een auto gebruiken, tegen betaling, via een vereniging. Een huurauto telt niet, iemand meenemen ook niet.

In een woonerf geldt hetzelfde als daar de letter P staat met het woord parkeerkaart, bewoners of autodelen.

Controleert de gemeente via de nummerplaat, dan hoef je geen gemeentelijke parkeerkaart, bewonerskaart of kaart voor autodelen op de ruit te leggen. Die controle dekt beperkte parkeertijd, betalend parkeren en voorbehouden plaatsen. De speciale kaart blijft wel nodig.

Definitie. Vier kaarten horen zichtbaar in het voertuig: de gemeentelijke parkeerkaart, de bewonerskaart, de parkeerkaart voor autodelen en de speciale kaart. Bij controle via de nummerplaat hoeven de eerste drie niet op de ruit.

Hoe lang mag een voertuig op de openbare weg blijven?

Ook waar parkeren mag, is de openbare weg geen garage. Drie maximumtijden staan vast. Het is verboden:

  • een motorvoertuig dat niet meer kan rijden, en een aanhangwagen, langer dan 24 uur na elkaar op de openbare weg te laten parkeren;
  • in de bebouwde kom een auto, een sleep of een aanhangwagen met een maximale toegelaten massa van meer dan 7,5 ton langer dan 8 uur na elkaar te laten parkeren;
  • een reclamevoertuig langer dan 3 uur na elkaar op de openbare weg te laten parkeren.

Die 8 uur gelden niet bij het bord parkeren toegelaten, bij het bord voor alleen lichte vrachtauto's en vrachtauto's, of bij het bord voor alleen autocars.

Op het examen. Ken 24, 8 en 3. 24 uur: een motorvoertuig dat niet meer kan rijden, en een aanhangwagen. 8 uur: in de bebouwde kom, meer dan 7,5 ton. 3 uur: een reclamevoertuig, ook als het niemand hindert.
Takelwagen neemt een auto mee op de openbare weg
Een motorvoertuig dat niet meer kan rijden, mag niet langer dan 24 uur na elkaar op de openbare weg blijven.

Wat mag je wel en niet op de pechstrook?

De pechstrook is de strook rechts van de rijbaan van de autosnelweg of de autoweg. Je mag er niet op rijden, behalve in drie gevallen:

  • prioritaire voertuigen die een dringende opdracht uitvoeren;
  • personen of diensten die het openbaar ministerie of de politie oproept, bij sterk vertraagd of stilstaand verkeer, op weg naar een incident;
  • takelwagens, in datzelfde geval.

Stilstaan of parkeren op de autosnelweg en op de autoweg is verboden, behalve op parkeerstroken die het bord parkeren toegelaten aanduidt.

Valt je voertuig daar stil op een plek waar je niet mag stoppen of parkeren, dan trek je een retro-reflecterende veiligheidsvest aan zodra je uitstapt.

Je wilt op de pechstrook bij Kortrijk een bericht lezen. Mag dat?

Schijf, van kant wisselen, kaarten en de drie tijden: de herhaling hieronder zet ze op kaartjes. Daarna test je ze in de quiz.

De verkeersborden in deze lesJe herhalingsfiche: de vorm en de betekenis, vóór de quiz6
Verkeersbord: Parkeerverbod vanaf de 1e tot de 15e van de maand
Parkeerverbod vanaf de 1e tot de 15e van de maand
Verkeersbord: Parkeerverbod vanaf de 16e tot het einde van de maand
Parkeerverbod vanaf de 16e tot het einde van de maand
Verkeersbord: Parkeren toegelaten
Parkeren toegelaten
Verkeersbord: Parkeren uitsluitend voor lichte vrachtauto’s en vrachtauto’s
Parkeren uitsluitend voor lichte vrachtauto’s en vrachtauto’s
Verkeersbord: Parkeren uitsluitend voor autocars
Parkeren uitsluitend voor autocars
Verkeersbord: Halfmaandelijks parkeren in gans de bebouwde kom
Halfmaandelijks parkeren in gans de bebouwde kom

Verkeersborden uit de Belgische signalisatie. Elk bord wordt uitgelegd in de bijhorende les in hoofdstuk 2 van de cursus.

Bronnen en methodologie
  • Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg (Wegcode), artikelen 2.50 tot 2.53, 2.62, 9.7, 21.4, 22.2, 25.1, 26, 27, 27bis, 27ter, 27quater, 51.4, 65.5 en 70.2 tot 70.3
  • Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie): artikelen 26.1, 26.2, 70.2.1, 70.2.2, 27.1, 27.2, 27.6, 27.3, 27.4, 2.51, 2.52 en 27.5
  • Koninklijk besluit van 1 december 1975 (Wegcode, Vlaamse versie), verkeersborden: bord E5, bord E7, bord E11, bord E9a, bord E9c en bord E9d

Auteur: Wenceslas Dasnois, oprichter van Rijbewijs B Theorie. Les geschreven en gecontroleerd volgens onze redactionele principes en onze controlemethode.

Credits van de afbeeldingen. Beelden en schema’s: Rijbewijs B Theorie ; Officiële modellen van de Belgische verkeersborden (KB van 1 december 1975) ; Officiële verkeersborden: Officiële modellen van de Belgische verkeersborden (KB van 1 december 1975).