Snelheidsbeperkingen in Vlaanderen: theorie rijbewijs B
- In de bebouwde kom geldt normaal 50 km/u. Let op borden die een andere snelheid aangeven.
- Buiten de bebouwde kom geldt op gewone wegen 70 km/u. Voor 90 km/u moet er een snelheidsbord staan.
- Met de auto mag je normaal 120 km/u op een autosnelweg. Buiten de bebouwde kom geldt 120 ook op wegen met minstens twee rijstroken per richting en een middenberm.
- Een bromfiets klasse A mag 25 km/u, klasse B 45 km/u. Sommige bijzondere voertuigen hebben een grens van 40 km/u.
- Je past je snelheid aan zodra het weer, het verkeer of de toestand van de weg of je voertuig dat vraagt.
Kijk eerst of je binnen of buiten de bebouwde kom rijdt, dan naar de weg en de borden, en ten slotte naar je voertuig.
Je rijdt buiten Leuven op een gewone weg. Zonder snelheidsbord geldt 70 km/u. Even verder staat een rond bord met 90: daar mag je met dezelfde auto sneller. Hoe vind je telkens de juiste grens?
Waarom moet ik soms onder de maximumsnelheid blijven?
Hoe sneller je rijdt, hoe langer je remafstand en hoe minder tijd je hebt voordat je een hindernis bereikt. Houd daarom voldoende veiligheidsafstand tot je voorligger, rekening houdend met je snelheid.
Je moet voortdurend de nodige rijbewegingen kunnen uitvoeren. Je snelheid mag geen ongevallen veroorzaken of het verkeer hinderen. Ook wanneer je onder de aangegeven maximumsnelheid blijft, moet je dus blijven beoordelen of je veilig rijdt.

Wanneer moet ik vertragen?
Een snelheidsbord houdt geen rekening met wat er op dit moment voor je gebeurt. Je stemt je snelheid af op:
- Andere weggebruikers, vooral kwetsbare mensen zoals kinderen, fietsers en mensen die moeilijk stappen.
- Weer en zicht: bijvoorbeeld regen, sneeuw, ijzel, mist, wind of weinig licht.
- De plaats en het wegdek: denk aan bochten, kruispunten, de top van een helling of een versmalling door werken.
- De verkeersdrukte en de ruimte tot je voorligger.
- De staat en de lading van je voertuig.

Nader je trekdieren, lastdieren, rijdieren of vee op de openbare weg? Vertraag. Vertonen ze tekenen van angst, dan moet je stoppen. Denk bijvoorbeeld aan een paard met een ruiter.
Je rijdt op een weg waar 70 km/u geldt. Door hevige regen zie je nauwelijks vooruit. Wat doe je?
Hoe snel mag ik in de bebouwde kom?
In de bebouwde kom geldt normaal 50 km/u. De begin- en eindeborden bakenen die af. Een rond snelheidsbord kan op een weg een lagere of hogere snelheid aangeven.

Een gewoon rond snelheidsbord geldt tot en met het volgende kruispunt. Het kan eerder eindigen bij een nieuw snelheidsbord, ook een zonebord, of bij het begin of einde van een bebouwde kom, woonerf, erf of voetgangerszone.
Ook een bord einde van de snelheidsbeperking beëindigt die beperking. Daarna zoek je opnieuw welke regel voor die plaats geldt.

Je rijdt met de auto in de bebouwde kom van Mechelen. Er geldt geen bijzondere zone of andere aangeduide snelheid. Wat is het maximum?
Waar geldt 30 of 20 km/u?
In een zone 30 geldt 30 km/u tot het eindebord, ook voorbij kruispunten. Een schoolomgeving is afgebakend met zoneborden. Bij het beginbord staat ook het gevaarsbord dat waarschuwt voor een plaats waar speciaal veel kinderen komen.



In een woonerf of erf mag je hoogstens 20 km/u rijden. Voetgangers mogen er de hele breedte van de openbare weg gebruiken en spelen is toegestaan.


Verlaat je een zone 30 of een erf binnen een bebouwde kom waar normaal 50 geldt? Dan geldt opnieuw 50 km/u, tenzij andere borden een andere snelheid aangeven.
In een fietszone geldt maximaal 30 km/u. Met de auto mag je er geen fietsers inhalen. Je kunt nog borden met het opschrift Fietsstraat tegenkomen: die mogen tot 1 januari 2035 een fietszone aanduiden.

Op wegen voorbehouden voor voetgangers, fietsers, ruiters en speed pedelecs geldt 30 km/u. Dat geldt ook voor de voorbehouden wegen waarop landbouwvoertuigen toegelaten zijn. Met een auto mag je er niet zomaar in: in principe zijn alleen de weggebruikers toegelaten van wie het symbool op het bord bij de toegang staat.


Hoe snel mag ik buiten de bebouwde kom?
Voor een gewone personenauto gebruik je dit overzicht. Een lagere aangeduide snelheid blijft gelden. Let vooral op wat de twee rijrichtingen van elkaar scheidt.
| Weg buiten de bebouwde kom | Maximumsnelheid voor de auto |
|---|---|
| Gewone weg | 70 km/u, 90 met een snelheidsbord 90 |
| Minstens twee rijstroken per richting, alleen wegmarkeringen ertussen | 70 km/u, 90 met een snelheidsbord 90 |
| Minstens twee rijstroken per richting, gescheiden door een middenberm | 120 km/u |
| Autosnelweg | 120 km/u |



Je rijdt buiten de bebouwde kom: twee rijstroken per richting, alleen witte strepen ertussen, geen snelheidsbord of zone. Hoe snel mag je met de auto?
Heeft mijn voertuig een eigen maximum?
Een bromfiets klasse A mag maximaal 25 km/u, een bromfiets klasse B maximaal 45 km/u. Onthoud: A komt vóór B en heeft ook de laagste maximumsnelheid.


Voor voertuigen met cushionbanden, elastische of onbuigzame banden en voertuigen die oorspronkelijk zonder ophanging gebouwd zijn, geldt de grens uit het technisch reglement. Is daar geen grens vastgelegd, dan geldt 40 km/u.
Bij een speed pedelec stopt de trapondersteuning uiterlijk bij 45 km/u; bij een gewone elektrische fiets bij 25. Dat zijn grenzen voor de ondersteuning. Je moet ook met die fietsen de plaatselijke maximumsnelheid respecteren.
Je rijdt met een bromfiets klasse B op een weg waar 50 km/u geldt. Wat is je maximum?
En vrachtwagens, autobussen en autocars?
Voor zware voertuigen telt de maximaal toegelaten massa (MTM). Een sleep is een groep aan elkaar gekoppelde voertuigen, zoals een auto met aanhangwagen. Een autobus vervoert ook staande passagiers, een autocar alleen zittende.
| Voertuig buiten de bebouwde kom | Autosnelweg | Minstens twee rijstroken per richting en een middenberm | Gewone weg zonder bord 90 |
|---|---|---|---|
| Personenauto | 120 km/u | 120 km/u | 70 km/u |
| Voertuig of sleep met een MTM boven 3,5 ton tot en met 7,5 ton | 90 km/u | 90 km/u | 70 km/u |
| Voertuig of sleep met luchtbanden en een MTM boven 7,5 ton | 90 km/u | 90 km/u | 60 km/u |
| Autobus | 90 km/u | 90 km/u | 70 km/u |
| Autocar met een veiligheidsgordel op alle zitplaatsen en een snelheidsbegrenzer tot 100 km/u | 100 km/u | 90 km/u | 70 km/u |
Zonder bord 90 gelden op een weg met minstens twee rijstroken per richting en alleen wegmarkeringen ertussen dezelfde grenzen als in de laatste kolom.
Staat er een bord 90? Op een gewone weg mag een autobus of autocar dan maximaal 75 km/u en een voertuig of sleep met luchtbanden en een MTM boven 7,5 ton maximaal 60 km/u: hun eigen grens blijft gelden. Op een weg met minstens twee rijstroken per richting en alleen wegmarkeringen ertussen mogen ze met een bord 90 wel 90 km/u.
Controleer bij elke situatie of je binnen of buiten de bebouwde kom rijdt, wat de weg en de borden zeggen en welk voertuig je bestuurt. Pas daarna je snelheid aan de omstandigheden aan. Herhaal de cijfers met de herhalingskaarten en controleer met de quiz of je ze kunt toepassen.
De verkeersborden in deze lesJe herhalingsfiche: de vorm en de betekenis, vóór de quiz18


















Verkeersborden uit de Belgische signalisatie. Elk bord wordt uitgelegd in de bijhorende les in hoofdstuk 2 van de cursus.