Theorie-examen rijbewijs B in Vlaanderen
Leerstof theorie-examen rijbewijs B: wat moet je kennen?
Verkeersborden en voorrang zijn maar een deel van je leerstof. Ook je aandacht, de staat van je auto, passagiers, ongevallen en tunnels horen erbij. De officiële lijst telt 18 rubrieken. Gebruik ze om na te gaan wat je al beheerst en welke lessen je nog moet doornemen.
Nagekeken op , op basis van officiële bronkopieën van 21 oktober 2026.
Door Wenceslas Dasnois, oprichter van Rijbewijs B TheorieOnze controlemethode
Neem de volledige lijst door, ook als verkeersborden je al goed afgaan. De tabel verwijst je naar de lessen. De uitleg over afzonderlijke verkeersregels staat daar; deze pagina helpt je de leerstof af te bakenen en je studiewerk te plannen.
Welke leerstof hoort bij het theorie-examen B?
De wettelijke basis is bijlage 4, deel A, I, A van het rijbewijsbesluit, Vlaamse versie. De rubrieken hieronder volgen die lijst in dezelfde volgorde. De titels zijn verkort; de middelste kolom maakt duidelijk wat je moet bestuderen.
De eerste drie rubrieken verwijzen naar wetgeving. Ze omvatten daardoor veel onderwerpen tegelijk. De overige rubrieken benoemen onder meer rijgedrag, risico's en voertuigveiligheid. De rubrieken zijn dus niet even breed: een rubriek als de Wegcode omvat veel afzonderlijke regels. In ons cursusprogramma is de leerstof verdeeld over 50 lessen.
De links zijn startpunten binnen het cursusprogramma. Eén les kan bij verschillende rubrieken horen. Je hoeft die les dan niet telkens opnieuw vanaf nul te leren: controleer of je ook het genoemde onderdeel beheerst.
| Rubriek | Wat bestudeer je? | Waar begin je? |
|---|---|---|
| 1. Wegverkeerswet | De wetgeving over het wegverkeer en de wijzigingen die gelden op je examendag. Denk bij je voorbereiding aan alcohol, overtredingen en het verval van het recht tot sturen. | Alcohol, drugs en vermoeidheid; overtredingen per graad. |
| 2. Wegcode | De verkeersregels zelf: verkeerstekens, plaats op de rijbaan, voorrang, snelheid, kruisen, inhalen, afslaan, stilstaan en parkeren. Dit is een brede rubriek, waarvoor je meerdere hoofdstukken nodig hebt. | Verkeersborden, voorrang, snelheid, stilstaan en parkeren; daarna de overige verkeerslessen in het programma. |
| 3. Overtredingen per graad | De indeling van overtredingen in graden. Bestudeer zowel welke handeling verboden is als bij welke graad de overtreding hoort. Verbind dit met de beoordeling van zware overtredingen op het theorie-examen. | Overtredingen per graad en zware overtredingen. |
| 4. Aandacht en houding | Het belang van oplettendheid en je houding tegenover andere weggebruikers. Bekijk bij een situatie niet alleen je eigen voorgenomen handeling, maar ook wat anderen kunnen doen. | Defensief rijden. |
| 5. Waarnemen, beoordelen en reageren | Reactietijd en veranderingen in je gedrag door alcohol, drugs, geneesmiddelen, emoties en vermoeidheid. Ga na hoe die onderwerpen samenhangen met je vermogen om een situatie te beoordelen. | Alcohol, drugs en vermoeidheid; waarnemen en reageren. |
| 6. Afstand, remmen en wegligging | De principes van afstand houden, remafstand en wegligging bij verschillende weers- en wegomstandigheden. Houd bij het studeren de begrippen reactietijd en remafstand goed uit elkaar. | Afstand houden en moeilijke omstandigheden. |
| 7. Risico's door weer en tijdstip | Risico's die samenhangen met de toestand van de weg, het weer en rijden overdag of 's nachts. Koppel de situatie aan je zicht en aan de aanpassingen die je moet overwegen. | Slecht weer, mist en nacht; verlichting en zichtbaarheid. |
| 8. Soorten wegen | Kenmerken van verschillende wegen en de regels die erbij horen. Leer herkennen met welk soort weg of gebied je te maken hebt, voordat je de bijbehorende regel kiest. | Rijbaan, trottoir en berm, autosnelweg en autoweg. |
| 9. Kwetsbare en onervaren weggebruikers | Risico's voor en door kinderen, voetgangers, fietsers en mensen met een beperkte mobiliteit. Besteed ook aandacht aan de onervarenheid van andere weggebruikers. | Voetgangers en fietsers, steps en bromfietsers. |
| 10. Voertuigtypes en gezichtsveld | De risico's van verschillende voertuigtypes en verschillen in wat hun bestuurders kunnen zien. Een vraag over een vrachtwagen kan dus ook gaan over zicht en de dode hoek. | Soorten voertuigen en de dode hoek. |
| 11. Administratieve documenten | De voorschriften voor documenten die met het gebruik van het voertuig samenhangen. Leer welk document wat aantoont, zodat je de namen niet alleen herkent maar ook begrijpt. | Documenten aan boord. |
| 12. Ongevallen en hulpverlening | Wat je als bestuurder doet bij een ongeval: de plaats beveiligen, waarschuwen en hulp bieden aan verkeersslachtoffers. Neem ook de gevaarsdriehoek mee in je herhaling. | Het onderdeel over ongevallen in defensief rijden. |
| 13. Voertuig, lading en passagiers | De veiligheidseisen voor de auto, wat je vervoert en wie meerijdt. Bekijk vragen over lading en passagiers als afzonderlijke onderdelen van dezelfde verantwoordelijkheid. | Onderhoud, technische keuring en lading; veiligheid in de auto. |
| 14. Het voertuig verlaten | Voorzorgsmaatregelen wanneer je de auto verlaat. Neem bij je voorbereiding het beveiligen van de auto, het openen van een portier en het waarnemen van naderend verkeer mee. | Voertuigcontroles en het onderdeel over uitstappen in de dode hoek. |
| 15. Technische gebreken herkennen | Veelvoorkomende gebreken aan stuurinrichting, wielophanging, remmen, banden, lichten, richtingaanwijzers, reflectoren, spiegels, voorruit, ruitenwissers, uitlaat, gordels en claxon. De rubriek vraagt om gebreken te kunnen ontdekken. | Voertuigcontroles, banden en verlichting. |
| 16. Veiligheidsvoorzieningen | Het gebruik van veiligheidsgordels, hoofdsteunen en voorzieningen voor kinderen. Bestudeer ook situaties met passagiers, zodat je niet uitsluitend vanuit de bestuurdersstoel redeneert. | Veiligheid in de auto. |
| 17. Milieuvriendelijk rijden | Regels voor milieuvriendelijk voertuiggebruik, met aandacht voor geluidssignalen, brandstofverbruik en uitlaatgassen. Het gaat dus om meer dan alleen de keuze van een auto. | Zuinig en ecologisch rijden; voor de claxon ook veiligheid in de auto. |
| 18. Tunnels | Veiligheid in tunnels. Neem zowel de herkenning van de aanduidingen als situaties tijdens het rijden, bij pech en bij gevaar door. | Rijden in tunnels. |
Bron van de indeling: bijlage 4, versie vanaf 1 juni 2017, in de Vlaamse Codexconsolidatie van 21 oktober 2026. De 18 onderwerpen zijn ook gecontroleerd in de Vlaamse variant op Justel. De GOCA-brochure van 18 augustus 2026 verduidelijkt de algemene leerstof, onder meer verkeersborden, overwegen, voorrang en snelheid.
Welke onderwerpen vonden kandidaten moeilijk volgens GOCA?
GOCA noemde op 24 januari 2024 vijf onderwerpen waarmee kandidaten het meest moeite hadden. Het bericht bespreekt de resultaten tot en met het derde kwartaal van 2023. Gebruik deze historische lijst als extra controle bij je herhaling, niet als voorspelling van jouw examenvragen.
- Verkeersborden voor voetgangers. Herhaal voetgangers en voetgangerszones en voorbehouden wegen. Benoem telkens voor wie een bord bedoeld is.
- Een reddingsstrook vormen. Werk het onderdeel in prioritaire voertuigen en reddingsstrook opnieuw door. Teken de rijstroken en controleer daarna je antwoord in de les.
- Aanwijzingsborden voor tunnels en vluchthavens. Bekijk de tunnelles en leg bij elke aanduiding uit welke informatie je krijgt.
- Richtingsverandering. Herhaal afslaan en voorsorteren. Loop de situatie door vanaf je voorbereiding tot je de bocht hebt afgewerkt.
- Snelheid in schoolstraten. Neem zone 30, erf en schoolstraat door. Controleer of je schoolstraat en schoolomgeving uit elkaar houdt.
Dit zijn de onderwerpen uit het GOCA-bericht van 24 januari 2024. Er staat geen verdeling van het aantal examenvragen per onderwerp bij. Sla andere rubrieken daarom niet over.
Wat betekent de puntentelling voor je voorbereiding?
Het theorie-examen B bestaat uit 50 vragen. Je moet minstens 41 punten behalen. Een fout antwoord kost 1 punt, behalve bij vragen over overtredingen van de derde of vierde graad of de toegelaten maximumsnelheid: een fout antwoord daarop kost 5 punten. Een vraag die je niet beantwoordt, kost 1 punt.
Twee fouten over zulke zware overtredingen betekenen dat je niet geslaagd bent. Dat verklaart waarom je snelheid en de overtredingsgraden zorgvuldig moet herhalen. Het maakt de andere leerstof niet overbodig: ook daar kun je punten verliezen.
Volgens Vlaanderen.be, bronkopie van 21 oktober 2026, krijg je na het volledig voorlezen van een vraag 15 seconden om te antwoorden. Oefen daarom ook met situaties waarin je de regel vlot moet herkennen. De praktische uitleg over deelname staat op de examenpagina.
Hoelang moet je studeren voor het theorie-examen?
De geraadpleegde officiële bronnen geven geen vast aantal uren zelfstudie dat iedereen nodig heeft om de leerstof te beheersen. Hoelang jij nodig hebt, hangt dus af van wat je al kunt. Plan je voorbereiding op basis van wat je nog niet kunt uitleggen.
Je kunt je volgens Vlaanderen.be via zelfstudie voorbereiden. Voor je eerste twee pogingen zijn theorielessen bij een rijschool niet verplicht. De verplichting om na twee mislukte pogingen 12 uur theorieles te volgen, is iets anders dan een aanbevolen studieduur voor iedereen.
Die verplichting en de uitzonderingen staan in artikel 32, § 6 van het rijbewijsbesluit; Vlaanderen.be beschrijft de 12 uur bij de derde deelname. Voor jouw verdere voorbereiding en deelnamevoorwaarden kun je terecht op de pagina over rijlessen en de examenpagina.
Een werkbare volgorde voor je studiemomenten
Dit is een studiewijze die je zelf kunt aanpassen, geen officiële volgorde of garantie om te slagen.
- Maak eerst je overzicht. Zet bij elke rubriek op papier: nog te leren, twijfel of kan ik uitleggen. Gebruik je laatste oefenfouten om die inschatting te controleren.
- Werk één samenhangend onderwerp uit. Lees bijvoorbeeld de les over voorrang en de les over voorrangsborden samen. Probeer daarna een situatie in eigen woorden uit te leggen.
- Bewaar de reden van je fout. Noteer of je de regel niet kende, een woord verkeerd las, een verkeersbord miste of de uitzondering vergat. Schrijf de juiste uitleg erbij.
- Kom later terug op twijfelpunten. Begin je volgende studiemoment met die notities. Controleer of je de redenering nog kunt maken zonder het antwoord te zien.
- Meng daarna de onderwerpen. Gebruik oefenvragen om te zien of je ook buiten het vertrouwde hoofdstuk de passende regel herkent. Ga bij een fout terug naar de betrokken les.
Stel dat je na een oefenreeks fouten hebt over een kinderzitje, een portier en een tunnel. Je volgende studiemoment hoeft dan niet opnieuw over alle verkeersborden te gaan. Zoek rubrieken 16, 14 en 18 op en herhaal de bijbehorende lessen.
Blijf je juist binnen één onderwerp twijfelen, splits dat dan verder op. Bij voorrang kun je afzonderlijk bekijken of je moeite hebt met de borden, de plaats van de voertuigen of het herkennen van een manoeuvre. Zo wordt je volgende stap concreet.
Moet je de theorie van buiten leren of begrijpen?
Je moet de regels kennen én ze in een situatie kunnen toepassen. GOCA beschrijft examenvragen die reële verkeerssituaties benaderen. Alleen de plaats van het juiste antwoord in een bekende oefenvraag onthouden, laat niet zien of je die regel ook elders kunt gebruiken.
Leer de betekenis van verkeersborden, begrippen en getallen nauwkeurig. Verbind een getal telkens met de omstandigheden waarin het geldt. Vraag jezelf vervolgens af welk detail in een andere situatie een andere regel kan doen gelden.
Dek bij een oefenvraag de antwoorden af. Leg eerst uit wat je ziet, welke handeling wordt gevraagd en welke regel je nodig hebt. Lukt dat alleen zodra je de bekende antwoordzin ziet, neem dan de les opnieuw door.
Zo oefen je met een veranderde situatie
Neem een tekening van een kruispunt uit je les. Benoem de verkeerstekens en wat elke bestuurder wil doen. Denk daarna aan dezelfde situatie met een ander voorrangsbord. Zoek in de les na wat dat verandert. Je oefent zo de toepassing zonder een antwoordvolgorde te memoriseren.
Of neem een vraag over snelheid. Noteer niet alleen de juiste snelheid, maar ook waarom die in deze situatie geldt. Noteer ook het soort voertuig, het soort weg, de omgeving en de aanwezige borden. Raadpleeg vervolgens de snelheidsles om te controleren welke gegevens de grens bepalen.
Bij een documentenvraag kun je de namen van de documenten bedekken en eerst hun functie benoemen. Bij een vraag over verlichting kun je uitleggen welke omstandigheden worden beschreven. Je hoeft daarvoor geen nieuwe verkeersregels te verzinnen: blijf bij de uitgewerkte les en haar uitleg.
Vragen over de leerstof
Is alleen verkeersborden leren voldoende?
Nee. De officiële lijst bevat ook rijgedrag, afstand houden, alcohol en vermoeidheid, documenten, voertuigveiligheid, ongevallen, milieuvriendelijk rijden en tunnels. Gebruik de 18 rubrieken om te controleren of je geen onderwerp overslaat.
Moet je voor rijbewijs B ook iets over vrachtwagens en motoren kennen?
Ja, de algemene leerstof omvat risico's van verschillende voertuigtypes en verschillen in het gezichtsveld van hun bestuurders. De aanvullende specifieke leerstof voor andere rijbewijscategorieën is niet hetzelfde als de algemene leerstof voor B.
Moet je alle 18 rubrieken even lang studeren?
Nee. De rubrieken zijn niet even breed. De Wegcode omvat bijvoorbeeld veel afzonderlijke verkeersregels. Verdeel je studietijd volgens wat je nog moet leren en waar je fouten maakt, zonder een rubriek helemaal over te slaan.
Is het erg als je de oefenvragen al van buiten kent?
Controleer dan of je de regel zonder antwoordkeuzes kunt uitleggen. Neem ook situaties die je nog niet herkent en bekijk waarom een antwoord klopt. Een vertrouwd antwoord herkennen is op zichzelf geen controle van je begrip.
Staat vast hoeveel vragen je per onderwerp krijgt?
De hier gebruikte officiële bronnen geven de leerstof en het totale aantal vragen, maar geen vaste verdeling per rubriek. Plan je voorbereiding daarom niet rond een verondersteld aantal vragen over verkeersborden, snelheid of tunnels.
Kies de eerste rubriek waarbij je nog twijfelt. Volg de bijbehorende les, noteer wat je moet herhalen en controleer daarna met oefenvragen of je de regel kunt toepassen.
Ga naar het cursusprogramma Oefen de leerstofBronnen en versies
- Vlaamse Codex, rijbewijsbesluit van 23 maart 1998: bijlage 4, A, I, A (18 rubrieken) en B, II, 2° (beoordeling), versie vanaf 1 juni 2017; artikel 32, § 6 (theorieonderricht na twee mislukte examens), artikelversie vanaf 1 september 2021. Consolidatie van 21 oktober 2026.
- Justel, hetzelfde rijbewijsbesluit, Vlaamse variant van bijlage 4 en artikel 32, § 6. Tekstbijwerking tot 6 juli 2026, kopie van 21 oktober 2026. Gebruikt om de rubrieken en de verplichting tot theorieonderricht te vergelijken.
- GOCA Vlaanderen, Het rijbewijsexamen, Doc. 130. Versie van 18 augustus 2026, algemene leerstof en verloop van het theorie-examen; kopie van 21 oktober 2026.
- Vlaanderen.be, Theorie-examen voor rijbewijs B. Onderdelen voorbereiding, verloop en resultaat; geen wijzigingsdatum vermeld, kopie van 21 oktober 2026.
- GOCA Vlaanderen, Slaagpercentages theorie-examen evolueren licht positief. Gepubliceerd op 24 januari 2024, gegevens tot eind september 2023; kopie van 21 oktober 2026.